De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders

Nieuwsarchief

1 november 2016

Vlinderwinter begonnen?


Klein koolwitje ids de meest gemelde vlinder in de laatste week van oktober (foto: Kars Veling)
De afgelopen week waren er nog steeds veel vlinders te zien. Hoge temperatuur en flink wat zon hebben gezorgd voor honderden vlindermeldingen van zestien verschillende soorten. Nu het wisselvalliger wordt en kouder zal het nu snel afgelopen zijn, hoewel veel vlinders nog wel even kunnen overleven zolang er geen flinke vorst is.

Op de invoerportalen van Waarneming en Telmee, en ook bij de Jaarrond Tuintelling zijn de laatste week van oktober vele honderden vlinders doorgegeven. Het was zonnig weer en de temperatuur was ruim boven de tien graden. Nog belangrijker: er was volop zon en dat is essentieel voor vlinders om hun gewenste lichaamstemperatuur van zo’n dertig graden te bereiken.


De acht meest doorgegeven vlinders in de laatste week van oktober, v.l.n.r. klein koolwitje, atalanta, dagpauwoog, citroenvlinder, kleine vuurvlinder, bont zandoogje, gehakkelde aurelia & kleine vos (foto's: Kars Veling)

 
Er zijn nog zestien verschillende vlindersoorten gezien. Dat zijn uiteraard de vier vlinderoverwinteraars, maar ook dus twaalf andere soorten die de winter wegtrekken of moeten doorkomen als rups of pop. De meest waargenomen soort is het klein koolwitje, die als pop overwintert. Klein koolwitje heeft normaal gesproken drie generaties per jaar, maar het lijkt er op dat, dankzij de erg warme nazomer, er een vierde generatie optreedt. De vlinders die nu vliegen moeten nog een partner vinden, de vrouwtjes moeten hun eitjes afzetten en de rups moet zich nog tot pop ontwikkelen, want alleen zo kan hij tegen de vorst. Het is de vraag of ze dat gaan redden.
 

De nummers 9 tot en met 16, eind oktober, v.l.n.r. klein geaderd witje, groot koolwitje, oranje luzernevlinder, icarusblauwtje, bruin blauwtje, boomblauwtje, distelvlinder & kleine parelmoervlinder (foto's: Kars Veling)

 
Bont zandoogjes worden ook nog steeds gezien (foto: Kars Veling)
Na het klein koolwitje is de atalanta het meest gemeld. Deze trekt voor een deel nog weg en voor een deel zullen ze hier blijven in de hoop op een niet te koude winter. Dan kunnen ze die namelijk wel overleven. Dagpauwoog en citroenvlinder, ook nog veel gezien, kunnen prima tegen de kou. Ze zoeken zeer binnenkort een overwinteringsplek, bijvoorbeeld in een schuurtje (dagpauwoog) of in een holle boom of dichte klimop en gaan daar in winterslaap. Dan kunnen ze twintig graden vorst prima aan. Dat geldt ook voor de nummers 7 en 8 op de lijst, gehakkelde aurelia en kleine vos. Daartussen staan echter ook nog de kleine vuurvlinder en het bont zandoogje en dat zijn vlinders die zich nog succesvol moeten voortplanten. Kleine vuurvlinder overwintert als halfvolgroeide rups, bij het bont zandoogje kan de rups, maar ook de pop overwinteren.
 
Terug naar het nieuwsarchief »

De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen