Nieuws

23 april 2012

Welk koolwitje is dat?

Vlinders die nu veel te zien zijn, zijn koolwitjes, witte vlinders met wat zwart. Koolwitjes lijken gemakkelijk te herkennen, maar er vliegen momenteel wel drie verschillende soorten. En welke is nu welke?

De afgelopen weken worden klein geaderd witje, klein koolwitje en groot koolwitje overal gezien. Van de bovenkant (als de vlinders met de vleugels open zitten) zijn de verschillen tussen deze witjes met name te zien door de hoeveelheid zwart op de vleugelpunt en de manier waarop dat verdeeld is.


Vleugelpunten koolwitjes, v.l.n.r.: klein geaderd witje, klein koolwitje en groot koolwitje
Bij het klein koolwitje is het kleine zwarte vleugelpuntje recht afgesneden, alsof er een liniaal langs is gelegd. Bij het klein geaderd witje is de punt wat rommelig en ‘druppelt’ wat na. Het groot koolwitje heeft een uitgebreide en grote zwarte vleugelpunt die ook vliegend vaak al erg opvallend is.
 

Onderzijde koolwitjes v.l.n.r.: klein geaderd witje, klein koolwitje en groot koolwitje
Aan de onderzijde is het klein geaderd witje heel goed te herkennen aan de donkere schubben aders op de vleugel. Dat is vooral in april en mei heel goed te zien. In de zomergeneraties is het minder opvallend, omdat er dan minder donkere schubben zijn. Bij het klein en groot koolwitje zijn er geen grijze aders te zien.
 

Verschillende leefgebieden

De witjes komen soms alle drie door elkaar voor, maar je kunt wel onderscheid maken tussen favoriete leefgebieden. Het klein geaderd witje is vooral in de natuurlijke landschappen aanwezig. Vochtige graslanden, bossen, bosranden en parken zijn het meest geliefd. Het klein koolwitje is het meest voorkomende koolwitje. Overal kun je deze vlinder tegenkomen: midden in de stad, in bossen, in de tuin, op heidevelden of in uitgestrekte akkerlanden.

Het groot koolwitje is een echte moestuinbewoner, die je vooral in de buurt van de bebouwing tegenkomt.
 
eitjes van het groot koolwitje
Koolwitjes leggen hun eitjes op allerlei kruisbloemigen, waaronder ook de door ons zorgvuldig in de moestuin opgekweekte kool. Het groot koolwitje brengt daar soms flinke schade toe omdat ze wel 30 of 40 eitjes bij elkaar legt. De snel groeiende rupsen kunnen zo de kool aardig met de grond gelijk maken. Ook het klein koolwitje legt wel op de gekweekte kool, maar toch zie je niet zo’n duidelijke schade als bij de rupsen van het groot koolwitje. De rups van het klein koolwitje is veel geniepiger: een enkel rupsje kruipt tot in de kern van de kool en hoewel je dus van buiten niet zoveel ziet, van binnen wordt hij flink aangetast. De rupsen van het klein geaderd witje zitten het liefst op wilde kruisbloemigen als pinksterbloem of look-zonder-look.

Meer weten over witjes?
Bekijk de determinatiesleutel voor de witjes

 
Terug naar het actuele nieuws »

Kijk voor meer nieuws in het nieuwsarchief »