De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders

blauwtjes - LYCAENIDAE

De soorten uit de familie van de blauwtjes zijn zeer divers van kleur: van helder blauw tot fel oranje.

Wereldwijd zijn er ruim 5200 soorten blauwtjes; ongeveer een derde van de dagvlinders behoort tot deze familie. Uit Europa zijn zo’n 120 soorten bekend en in Nederland zijn 27 soorten vastgesteld. De familie van de blauwtjes bestaat uit kleine tot middelgrote vlinders en is verdeeld in 16 soorten blauwtjes, 6 soorten kleine pages en 5 soorten vuurvlinders. De ogen zijn langwerpig ovaal en vooral de mannetjes zijn vaak helder gekleurd.
 

blauwtjes


Foto: Alwin Koning
icarsublauwtje (Polyommatus icarus)
De meeste blauwtjes zijn echte graslandvlinders en bezoeken graag bloemen. De mannetjes van de meeste soorten vallen op door de blauwe bovenkant van de vleugels, de vrouwtjes zijn bruin; van sommige soorten is ook het mannetje bruin.
De meest bekende blauwtjes zijn het veel in tuinen voorkomende boomblauwtje en het fel blauwe icarusblauwtje. Blauwtjes van de Phengaris-soorten zijn voor hun ontwikkeling afhankelijk van bepaalde soorten mieren en worden ook wel mierenblauwtjes genoemd.
 

kleine pages


Foto: Marian Schut
sleedoornpage (Thecla betulae)
Kleine pages leven over het algemeen zeer onopvallend. Veel soorten komen voor in bossen en langs bosranden en heggen. Kleine pages zijn te herkennen aan de kleine staartjes aan de achtervleugels. De bovenkant van de vleugels is vaak donker van kleur. De meest duidelijke kenmerken bevinden zich op de onderkant van de achtervleugels.
 

vuurvlinders


Foto: Mark Grutters
kleine vuurvlinder (Lycaena phlaeas)
Vuurvlinders kunnen worden aangetroffen in allerlei graslanden. De mannetjes zijn opvallend oranje (grote vuurvlinder) of hebben op de bovenkant van de vleugels een patroon dat sterk lijkt op dat van de vrouwtjes: een overwegend bruine achtervleugel en een oranje voorvleugel met bruine vlekken. De onderscheidende kenmerken tussen de verschillende vuurvlinders zijn voornamelijk te vinden op de onderkant van de vleugels.
 

eieren, rupsen en poppen


Foto: Bert van Rijsewijk
rups van het boomblauwtje (Celastrina argiolus)
De eieren zijn ronder van vorm dan bij de andere dagvlinderfamilies. De rupsen hebben een dikke kop en een taaie huid. Sommige soorten hebben klieren die stoffen afscheiden waar mieren op af komen, dit betreft met name de Phengaris-soorten. De pop van de meeste soorten ligt vrij op de grond.
 
Laatste wijziging: 23 januari 2012
Meer over deze familie:

Foto: Hans Jonkman
boomblauwtje (Celastrina argiolus)
Foto: Paul Cools
donker pimpernelblauwtje (Maculinea nausithous)
Foto: Marian Schut
groentje (Callophrys rubi)
Foto: Martien Poelen
eikenpage (Neozephyrus quercus)
De Bilt - 16 juni 2007.
Foto: Marian Schut
grote vuurvlinder (Lycaena dispar)
Foto: Jan Wessels
bruine vuurvlinder (Lycaena tityrus)
Foto: Jeroen Voogd
rups van de eikenpage (Favonius quercus)
Foto: A. Bontes
rups van de grote vuurvlinder (Lycaena dispar)


De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen