
Familiekenmerken rupsenIn Nederland komen vijf dagvlinderfamilies en negentien nachtvlinderfamilies voor. Hieronder volgt een kort overzicht van kenmerken per familie met als voorbeeld bij elke familie een foto van een rups.Dagvlindersdikkopjes (Hesperiidae)![]() rups van het kaasjeskruiddikkopje (Carcharodus alceae) Foto: Tineke Aarts meer informatie over deze familie » grote pages (Papilionidae)![]() rups van de koninginnenpage (Papilio machaon) Foto: Irene de Graaff meer informatie over deze familie » witjes (Pieridae)![]() rups van het klein geaderd witje (Pieris napi) Foto: Mirriam Arts Twee soorten die veel voorkomen en die sterk op elkaar lijken, zijn de rups van het klein koolwitje (Pieris rapae) en die van het klein geaderd witje (Pieris napi). De rups van het klein koolwitje heeft een gele rugstreep, die van het klein geaderd witje niet. meer informatie over deze familie » blauwtjes (Lycaenidae)![]() rups van het groentje (Callophrys rubi) Foto: Paul Jongejan Alle rupsen hebben een ovale platte vorm en lijken enigszins op larven van zweefvliegen (zie ook Verwarring met larven van andere insecten). De rupsen hebben een dikke kop en een taaie huid. Sommige soorten hebben klieren die stoffen afscheiden waar mieren op af komen, dit betreft met name de Phengaris-soorten. meer informatie over deze familie » aurelia's (Nymphalidae)![]() rups van het bont zandoogje (Pararge aegeria) Foto: Bert van Rijsewijk ![]() rups van de kleine vos (Aglais urticae) Foto: Jeroen Voogd meer informatie over deze familie » Nachtvlinderswortelboorders (Hepialidae)![]() rups van de gemarmerde wortelboorder (Pharmacis fusconebulosa) Foto: Jeroen Voogd meer informatie over deze familie » houtboorders (Cossidae)![]() rups van de wilgenhoutrups (Cossus cossus) Foto: Piet Peters meer informatie over deze familie » bloeddrupjes (Zygaenidae)![]() rups van de sint-jansvlinder (Zygaena filipendulae) Foto: Gert Gelmers meer informatie over deze familie » venstervlekjes (Thyrididae)Van deze familie komt slechts één soort in Nederland voor: de bosrankvlinder (Thyris fenestrella). De rupsen verspreiden een onaangename wantsengeur. Ze leven in een kokertje gemaakt van bladeren van bosrank, de waardplant van deze soort.meer informatie over deze familie » slakrupsen (Limacodidae)![]() rups van de slakrups (Apoda limacodes) Foto: Mirriam Arts meer informatie over deze familie » wespvlinders (Sesiidae)![]() rups van de eikenwespvlinder (Synanthedon vespiformis) Foto: Jeroen Voogd meer informatie over deze familie » spinners (Lasiocampidae)Van deze familie leven 16 soorten in Nederland. De rupsen van alle soorten zijn (zwaar) behaard, wat hen beschermt tegen predatie door vogels. De rupsenharen kunnen bij mensen soms huidirritatie veroorzaken. De rupsen worden overdag vaak zonnend of etend waargenomen. De verpopping vindt plaats in een stevige, soms taaie cocon die dicht bij de grond wordt vastgemaakt aan de vegetatie; in de cocon wordt vaak rupsenhaar verwerkt.meer informatie over deze familie » herfstspinners (Brahmaeidae)![]() rups van de herfstspinner (Lemonia dumi) Foto: Jeroen Voogd meer informatie over deze familie » nachtpauwogen (Saturniidae)![]() rups van de nachtpauwoog (Saturnia pavonia) Foto: Meint Mulder meer informatie over deze familie » berkenspinners (Endromidae)![]() rups van de gevlamde vlinder (Endromis versicolora) Foto: Jacques Sentjens meer informatie over deze familie » eenstaartjes (Drepanidae)Deze familie, waarvan in Nederland 16 soorten voorkomen, is onderverdeeld in twee onderfamilies: de eenstaartjes (Drepaninae) en de uilspinners (Thyatirinae).meer informatie over deze familie » ![]() rups van de gele eenstaart (Watsonalla binaria) Foto: Hans van Oosterhout De rupsen van de eenstaartjes, waarvan er zeven soorten in ons land leven, voeden zich met bladeren van bomen en struiken. Het achterste potenpaar van de rups is omgevormd tot een puntig lichaamsuiteinde dat op een karakteristieke manier omhoog wordt gehouden; dit is het ‘staartje’, waaraan deze onderfamilie haar Nederlandse naam dankt. ![]() rups van de groenige orvlinders (Polyploca ridens) Foto: Jeroen Voogd Van de andere onderfamilie, de uilspinners, komen negen soorten in ons land voor. De rupsen zijn allemaal vrijwel onbehaard, maar heel verschillend van tekening. De meeste soorten leven overdag tussen samengerolde of samen gesponnen bladeren en foerageren ‘s nachts. De rupsen van de braamvlinder (Thyatira batis) en de vuursteenvlinder (Habrosyne pyrutoides) foerageren onbeschut. spanners (Geometridae)![]() rups van de witte grijsbandspanner (Cabera pusaria) Foto: Hans van Oosterhout meer informatie over deze familie » pijlstaarten (Sphingidae)![]() rups van de lindepijlstaart (Mimas tiliae) Foto: Jeroen Voogd De eieren worden afzonderlijk of in paren vastgehecht aan de waardplant. De rupsen zijn over het algemeen groot en hebben vaak een opvallende kleur of tekening. Ze zijn onbehaard en de meeste hebben een hoornachtige stekel op het uiteinde van het achterlijf; dit is de karakteristieke ‘pijl’ waaraan deze familie haar Nederlandse naam ontleent. Bij de soorten uit de onderfamilies van de Sphinginae en de Smerinthinae is de stekel in de regel goed ontwikkeld, maar bij de Macroglossinae is deze vaak gereduceerd: bij het klein avondrood (Deilephila porcellus) is de stekel klein en bij de teunisbloempijlstaart (Proserpinus proserpina) is de stekel zelfs niet veel meer dan alleen een soort oogvlek. De rupsen voeden zich met de bladeren van houtige en kruidachtige planten. De pop van veel soorten bevindt zich aan de voet van de waardplant tussen mos en bladstrooisel of in de grond. meer informatie over deze familie » tandvlinders (Notodontidae)![]() rups van de eekhoorn (Saturopus fagi) Foto: Jeroen Voogd De eikenprocessierups (Thaumetopoea processionea), die tot 2011 werd ingedeeld in de familie processievlinders (Thaumetopoeidae), behoort volgens de nieuwste taxonomische inzichten ook tot de familie van de tandvlinders. meer informatie over deze familie » spinneruilen (Erebidae)![]() Foto: Regina Wieringa Rups van de grote beer (Arctia caja). Op foto is een net vervelde rups te zien; het oude vervellingshuidje hangt nog aan de onderkant van de stengel. beervlinders Van de spinneruilen behoren 35 soorten tot de onderfamilie van de beervlinders. De meeste rupsen zijn sterk behaard, vooral die van de grotere beren en de tijgers, maar ze veroorzaken vrijwel nooit huidirritaties. Er zijn een aantal soorten die sterk op elkaar lijken en gemakkelijk met elkaar verward kunnen worden. De rupsen van de grotere beren en de tijgers voeden zich gewoonlijk met kruidachtige planten. De rupsen van de meeste kleine beertjes voeden zich met (korst)mossen en algen die groeien op bomen, rotsen of muren, in vochtige lage vegetatie of op de grond. Van de kleine beertjes leeft ook een aantal soorten voornamelijk op grassen. ![]() Foto: Jeroen Voogd Jonge rups van de witvlakvlinder (Orgyia antiqua); naast de gele haarborstels zijn de twee klieren op segment 6 en 7 zichtbaar. Twaalf soorten behoren tot de onderfamiile van de donsvlinders. De rupsen zijn zwaar behaard; een aantal soorten verliest de haren echter gemakkelijk, vooral als de rups volgroeid is. De haren kunnen bij mensen soms huidirritaties veroorzaken en de rupsen kunnen daarom beter niet aangeraakt worden. Alle rupsen uit deze familie hebben op segment 6 en 7 van het achterlijf een klier aan de rugzijde; deze klieren worden bij aanraking uitgestulpt. Meestal zijn er meerdere rupsen bij elkaar in de buurt te vinden, omdat de eieren in grote groepen bij elkaar afgezet worden; sommige soorten leven in een spinsel. De rupsen van bijna alle soorten leven op houtige planten en loofbomen. ![]() Foto: Meint Mulder rups van het roesje (Scoliopteryx libatrix) Enkele soorten die eerst tot de familie van de uilen (Noctuidae) behoorden, worden nu tot de spinneruilen gerekend. Het gaat om de zogenoemde snuituilen, de Catocala-soorten, en onder andere het roesje (Scoliopteryx libatrix) en de paddenstoelenuil (Parascotia fuliginaria). De rupsen van deze soorten zijn onbehaard. meer informatie over deze familie » visstaartjes (Nolidae)Een kleine familie die verspreid over de hele wereld voorkomt. De visstaartjes danken hun Nederlandse familienaam aan het feit dat bij een aantal rupsen uit deze familie de naschuivers duidelijk in een v-vorm achter het lichaam uitsteken en daardoor wel wat weg hebben van een vissenstaart. Dit betreft de volgende zeven soorten (kleine groenuil, grote groenuil, zilveren groenuil, populierengroenuil, variabele eikenuil, fraaie wilgenuil) en kleine wilgenuil.Van de visstaartjes die behoren tot de geslachten Meganola en Nola zijn zeven soorten vastgesteld in Nederland. Kenmerkend is dat bij deze rupsen het eerste paar buikpoten ontbreekt. De behaarde rupsen voeden zich met houtige planten en loofbomen. Alle rupsen verpoppen zich in een taaie bootvormige cocon tegen de stam of tegen een tak van de waardplant. meer informatie over deze familie » uilen (Noctuidae)![]() rups van de kooluil (Mamestra brassicae) Foto: Jeroen Voogd De rupsen van de meeste soorten uilen zijn vrijwel onbehaard; een uitzondering hierop vormen de kleurige en harige rupsen van de Acronicta-soorten. De meeste rupsen hebben vier paar buikpoten en een paar naschuivers; er zijn echter ook soorten waarvan de rupsen slechts twee of drie paar buikpoten hebben; veelal zijn de afwezige buikpoten rudimentair aanwezig. Over het algemeen foerageren de uilenrupsen op bladeren, stengels of wortels van grassen en kruidachtige planten. Sommige soorten voeden zich met bladeren van bomen en struiken; dit zijn vaak soorten die als ei overwinteren en waarvan de rupsen uitkomen op het moment dat er in het voorjaar nieuwe bladeren aan de bomen groeien. De verpopping vindt meestal plaats in de grond of in de strooisellaag; ook zijn er soorten waarvan de rupsen zich verpoppen in vermolmd hout of plantenstengels. Soorten die leven op bomen en struiken verpoppen zich vaak in een cocon die vastgehecht wordt aan een blad of aan de stam. meer informatie over deze familie » Laatste wijziging: 28 januari 2012 |
|||