De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
grijze stipspanner  (Idaea aversata)

Vaak loopt er een donkergrijze band over de vleugels van de grijze stipspanner.

Familie

spanners (GEOMETRIDAE)
meer informatie over deze familie »


Let bij het determineren van deze soort altijd goed op de gelijkende soorten.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 14-16 mm. De voorvleugel is tamelijk langwerpig van vorm en loopt spits toe. De voorrand buigt vlak voor de vleugelpunt sterk naar beneden en de punt wijkt soms, nauwelijks zichtbaar, iets naar buiten uit waardoor het vleugeluiteinde enigszins haakvormig lijkt. De grondkleur is licht geelbruin tot zandkleurig bruin en de vleugels zijn bestrooid met donkergrijze schubjes, wat de vlinder een enigszins ruw uiterlijk geeft. Op zowel de voor- als de achtervleugel ligt een donkere middenstip. De binnenste en buitenste dwarslijnen zijn duidelijk zichtbaar, evanals de middelste dwarslijn. Bij een veel voorkomende vorm is de zone tussen de middelste en de buitenste dwarslijn donkergrijs, waardoor een over de vleugels lopende band gevormd wordt. In de buitenste dwarslijn zit een kenmerkende duidelijke knik naar binnen dicht bij de voorrand van de vleugel. Een golflijn ontbreekt nagenoeg.

Gelijkende soorten

De egale stipspanner (I. straminata) is meestal iets kleiner en zachter van kleur. De buitenste dwarslijn mist een duidelijke knik vlak bij de voorrand. Zie ook de strooiselstipspanner (I. laevigata) en de paarsbandspanner (Rhodostrophia vibicaria).

Klik hier voor gedetailleerde verschillen met illustraties tussen Idaea aversata en I. straminata.

Voorkomen

Zeer algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: niet bedreigd.

Habitat

Bossen, heiden, struwelen, tuinen, graslanden, duinen, moerassen en rivieroevers.

Waardplanten

Diverse kruidachtige planten en dorre bladeren.

Vliegtijd en gedrag

Begin juni-begin oktober in twee, soms drie generaties. De vlinders kunnen overdag uit de lage grasvegetatie of van boomstammen worden opgejaagd. Ze bezoeken vanaf de schemering bloemen zoals akkerdistel en komen goed op licht.

Levenscyclus

Rups: juli-mei. De soort overwintert als jonge rups en verpopt zich in een losse cocon in de strooisellaag.

Laatste wijziging: 11 november 2015


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Naturalis Biodiversity Center Leiden
Foto: Mirriam Arts
stramproyerbroek - 17 juni 2012
 naar fotoalbum »


De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen