De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
springzaadbandspanner  (Xanthorhoe biriviata)

Groot springzaad, klein springzaad en reuzenbalsemien zijn de waardplanten van de springzaadbandspanner.

Familie

spanners (GEOMETRIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is moeilijk tot zeer moeilijk te determineren. Let dus altijd goed op de gelijkende soorten. Soms is genitaliën-
onderzoek nodig voor een zekere determinatie.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 12-14 mm. Te onderscheiden van verwante soorten door de vorm en de kleur van de middenband. De band is over het geheel genomen vrij regelmatig van vorm; de buitenrand heeft echter een markant puntig uitsteeksel. De kleur van de middenband is een combinatie van egaal zwart, bruin en donkergrijs. De voorjaarsgeneratie is tamelijk licht gekleurd met een lichtbruin tint. Over de voorvleugel loopt een duidelijke witte band aan de buitenzijde van de middenband en in het wortelveld zijn meerdere bruine bandjes te zien. De zomergeneratie is doorgaans donkerder gekleurd en mist de witte band.

Gelijkende soorten

De eerste generatie van de gewone bandspanner (Epirrhoe alternata) is grijzer van kleur, de band in het wortelveld is niet lichtbruin en over de achtervleugel lopen net zulke krachtige banden als over de voorvleugel. De scherphoekbandspanner (Euphyia unangulata) en de bosbandspanner (Epirrhoe rivata)vertonen een zekere overeenkomst met de voorjaarsgeneratie, maar vliegen later in het jaar. De middenband van de vierbandspanner (X. ferrugata) heeft geen sterke kleurschakering en de randen van deze band zijn veel meer gegolfd. Zie ook de grote vierbandspanner (X. quadrifasiata).

Voorkomen

Vrij zeldzaam. Een soort die verspreid over het land voorkomt in vochtige, bosachtige gebieden; plaatselijk soms algemeen. RL: niet bedreigd.

Habitat

Natte weilanden met bomen, vochtige graslanden, vochtige bossen en paden langs kanalen of rivieren.

Waardplanten

Groot springzaad, klein springzaad en reuzenbalsemien.

Vliegtijd en gedrag

Eind maart-begin september in twee generaties. De vlinders vliegen vanaf laat in de middag tot in de schemering en komen op licht.

Levenscyclus

Rups: juni-september. De soort overwintert als pop.

Laatste wijziging: 11 november 2015


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.

De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen