De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
bruinbandspanner  (Scotopteryx chenopodiata)

De bruinbandspanner heeft in Nederland vier ver uit elkaar liggende verspreidingsgebieden.

Familie

spanners (GEOMETRIDAE)
meer informatie over deze familie »


Let bij het determineren van deze soort altijd goed op de gelijkende soorten.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 16-19 mm. Nogal variabel van kleur, maar gemakkelijk te herkennen. De voorvleugel is effen geelbruin of dofbruin met een duidelijke donkerder bruine dwarsband. Deze dwarsband bestaat uit een aantal smallere banden, waarvan de middelste lichter en vaak grijsachtig getint is. Meestal is er een donker schuin streepje in de vleugelpunt aanwezig.

Gelijkende soorten

De malvabandspanner (Larentia clavaria) is groter, fijn bespikkeld en de binnenrand van de middenband is getand of voorzien van twee duidelijke inkepingen; ook heeft de malvabandspanner witachtige randen langs de dwarslijnen en een zwakke zigzaggende golflijn. De bruine snuituil (Hypena proboscidalis) heeft zeer lange palpen en een andere dwarslijnen-tekening.

Voorkomen

Vrij algemeen. Een soort die een merkwaardige verspreiding vertoont met vier ver uit elkaar liggende verspreidingsgebieden. De meeste waarnemingen komen uit de zuidwesthoek van het land, Zuid-Limburg, Oost-Groningen en van de duinen op enkele Waddeneilanden; sinds 2000 wordt de soort ook vaker op andere plekken in het land waargenomen. RL: kwetsbaar.

Habitat

Open grazige plaatsen, waaronder graslanden, heiden, brede bospaden, struwelen, ruige bermen en duinen; soms tuinen in de omgeving van deze biotopen.

Waardplanten

Diverse grassen, wikke en klaver.

Vliegtijd en gedrag

Begin juni-eind augustus in één generatie. De vlinders kunnen overdag gemakkelijk opgejaagd worden uit het gras of uit andere lage vegetatie. Ze kunnen in het donker op bloemen worden waargenomen, maar komen slechts in kleine aantallen op licht.

Levenscyclus

Rups: augustus-juni. De soort overwintert als rups en verpopt zich waarschijnlijk in de strooisellaag.

Laatste wijziging: 11 november 2015


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.

De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen