De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
spardwergspanner  (Eupithecia abietaria)

Familie

spanners (GEOMETRIDAE)
meer informatie over deze familie »


Let bij het determineren van deze soort altijd goed op de gelijkende soorten.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 11-15 mm. Een van de grootste van de Eupithecia-soorten die in Nederland voorkomen en daaraan meestal duidelijk te herkennen; soms komen echter kleinere exemplaren voor. De voorvleugel is vrij breed en heeft een duidelijke zwarte middenstip. De centrale dwarslijnen zijn zwart afgezet, vooral langs de voorrand, en vormen daar vaak twee zwarte vlekken; de vlek bij de binnenste dwarslijn vloeit vaak samen met de middenstip tot een grote, dikke zwarte balk. Zowel in het wortelveld als in het zoomveld bevindt zich een bruine dwarsband; het achterlijf heeft aan de basis eveneens een bruine band. Er is enige variatie in tekening.

Gelijkende soorten

De gallendwergspanner (E. analoga) heeft langere palpen en een zwakkere, minder getande golflijn. De fijnspardwergspanner (E. tantillaria) is kleiner en mist de bruine dwarsbanden.

Voorkomen

Zeldzaam. Komt verspreid over het land lokaal voor op de zandgronden. RL: gevoelig.

Habitat

Naaldbossen en andere plaatsen met naaldbomen.

Waardplanten

Spar en andere naaldbomen.

Vliegtijd en gedrag

Half mei-half juli in één generatie. De vlinders komen op licht en rusten overdag op de waardplant.

Levenscyclus

Rups: eind juni-half oktober. De rups leeft van de onrijpe zaden in de nog groene kegels van de waardplant. Vaak zitten de rupsen hoog in de boom met meerdere tegelijk in een sparrenkegel; ze produceren roodachtig bruine klontjes uitwerpselen die soms hangend aan de kegels te zien zijn. De soort overwintert als pop in een losse cocon in de strooisellaag.

Laatste wijziging: 15 september 2014


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.

De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen