De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
jeneverbesdwergspanner  (Eupithecia pusillata)

Familie

spanners (GEOMETRIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is moeilijk tot zeer moeilijk te determineren. Let dus altijd goed op de gelijkende soorten. Soms is genitaliën-
onderzoek nodig voor een zekere determinatie.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 9-11 mm. Een zeer variabele dwergspanner, die echter te herkennen is aan de witachtige of lichtbruine vlek aan de buitenzijde van de middenstip. De buitenrand van de middenband is aan de binnenzijde bezet met zwarte pijlvlekjes van verschillende lengte; de twee vlekjes tussen de middenstip en de vleugelpunt zijn het langst en vallen het meest op. De dwarslijnen variëren in intensiteit en zijn ter hoogte van de middenstip scherp gehoekt; door de middenband loopt een dwarslijn die gewoonlijk door de middenstip loopt. De grondkleur van de voorvleugel varieert van witachtig bruin tot donkerbruin of grijs. Over het midden van de zwak getekende achtervleugel loopt een donkere dwarslijn die vooral bij de binnenrand duidelijk zichtbaar is; vaak is nog een tweede dwarslijn aanwezig vlak voor de vleugelwortel.

Gelijkende soorten

De eikendwergspanner (E. dodoneata) heeft ook een lichte vlek aan de buitenzijde van de middenstip en zwarte pijlvlekjes langs de buitenste dwarsband, maar is iets kleiner en vliegt vroeger in het jaar. De guldenroededwergspanner (E. virgaureata) mist de lichte vlek aan de buitenzijde van de middenstip. Zie ook de grasklokjesdwergspanner (E. impurata).

Voorkomen

Zeldzaam. Een soort die dankzij de aanplant van jeneverbes in tuinen op steeds meer plaatsen verspreid over het land wordt waargenomen; in jeneverbesgebieden soms talrijk. RL: bedreigd.

Habitat

Heiden, graslanden, parken, tuinen en andere plaatsen waar de waardplant groeit.

Waardplanten

(Gekweekte) jeneverbes.

Vliegtijd en gedrag

Half juni-eind september in één generatie. De vlinders vliegen vanaf de schemering en komen op licht.

Levenscyclus

Rups: april-juni. De soort overwintert als ei op de waardplant; in de eieren bevinden zich al volledig ontwikkelde rupsjes.

Laatste wijziging: 2 december 2015


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.

De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen