vorige  |  volgende
meidoornuil  (Allophyes oxyacanthae)

De vliegtijd van de meidoornuil is september en oktober; de eitjes overwinteren op de waardplant, bij voorbeeld mei- of sleedoorn.

Familie

uilen (NOCTUIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is goed tot redelijk goed te determineren, ook voor een serieuze beginner.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 17-20 mm. De voorvleugel van deze uil heeft een bruine grondkleur met een variabele kopergroene bestuiving, vooral langs de binnenrand en de achterrand. De buitenste dwarslijn heeft vlak bij de binnenrand vaak een kenmerkende witte afzetting, die als een witte halvemaanvormige vlek zichtbaar is. Kenmerkend is ook de vrij dikke zwarte schouderstreep die in combinatie met de binnenste dwarslijn soms een soort pijl-en-boog-figuur vormt. Soms komen donkere exemplaren voor.

Voorkomen

Een niet zo gewone soort die vooral voorkomt in de kuststreek en op de zandgronden in het binnenland; plaatselijk soms gewoon.

Habitat

Loofbossen, struwelen en tuinen.

Waardplanten

Meidoorn, sleedoorn, berk en allerlei fruitbomen.

Vliegtijd en gedrag

Begin september-begin november in één generatie. De vlinders komen op licht en op smeer en worden in de schemering vaak aangetroffen op bloemen van klimop, overrijpe bramen of ander fruit.

Levenscyclus

Rups: april-juni. De rups maakt een stevige cocon in de grond en verpopt zich daarin een aantal weken later. De eieren worden afzonderlijk afgezet in de buurt van een knop op een tak van de waardplant en overwinteren.

Laatste wijziging: 27 oktober 2011


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Zoölogisch Museum Amsterdam
Foto: Jeroen Voogd
Foto: Jeroen Voogd
 meer foto's »