De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
donkere winteruil  (Conistra ligula)

Familie

uilen (NOCTUIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is moeilijk tot zeer moeilijk te determineren. Let dus altijd goed op de gelijkende soorten. Soms is genitaliën-
onderzoek nodig voor een zekere determinatie.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 13-15 mm. De voorrand en de achterrand van de voorvleugel vormen samen een vrijwel rechte hoek en de vleugelpunt is spits; de achterrand buigt bij de binnenrandhoek sterk naar binnen, waardoor deze uil te onderscheiden is van de meeste andere bruinachtige uilen die in het najaar en in het vroege voorjaar vliegen. De enigszins glanzende voorvleugel heeft doorgaans een kastanjebruine of chocoladebruine, soms zwartachtig bruine grondkleur; soms is de vleugel iets lichter van kleur. Vaak zijn de dwarslijnen niet meer dan donkere lijntjes en soms is alleen de lichte afzetting van de dwarslijnen zichtbaar. Sommige vlinders hebben een duidelijke lichtbruine, lichtgrijze of witachtig grijze band in het zoomveld.

Gelijkende soorten

De bosbesuil (C. vaccinii) is over het algemeen lichter van kleur en heeft een brede voorvleugel met een stompe vleugelpunt; deze kenmerken kunnen echter variëren.

Voorkomen

Vrij zeldzaam. Een soort die slechts af en toe wordt waargenomen op de zandgronden in het binnenland; de meeste waarnemingen komen uit Limburg. RL: gevoelig.

Habitat

Vooral bossen, maar ook open agrarische gebieden.

Waardplanten

Diverse loofbomen en struiken, waaronder eik, wilg, sleedoorn en meidoorn; grotere rupsen vertonen een voorkeur voor kruidachtige planten, waaronder zuring en paardenbloem.

Vliegtijd en gedrag

Half september-december/april in één generatie; de mannetjes sterven in december, de vrouwtjes leven tot februari of soms zelfs april. De vlinders komen op smeer en op licht; ze bezoeken bloemen van onder andere klimop.

Levenscyclus

Rups: april-juli. De rups foerageert ´s nachts en maakt een losse cocon in de grond, waarin twee maanden later de verpopping plaatsvindt. De paring vindt plaats in december en in januari of februari worden de eieren afgezet; de soort overwintert deels als vlinder en deels als ei.

Laatste wijziging: 22 februari 2016


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.

De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen