
groene korstmosuil (Nyctobrya muralis)
Overdag rust de groene korstmosuil vaak op een muur of een dak. Familieuilen (NOCTUIDAE)meer informatie over deze familie » KenmerkenVoorvleugellengte: 12-15 mm. Deze korstmosuil is te herkennen aan het feit dat de binnenste dwarslijn niet doorloopt tot aan de binnenrand van de vleugel. Ook de eerste dwarslijn raakt de binnenrand niet, maar buigt om in de richting van de binnenste dwarslijn, zodat tussen deze lijnen een lichte vlek in de vorm van een klaverblaadje zichtbaar is. De kleur van de vleugel varieert van groenachtig wit tot olijfgroen en heeft een variabel patroon van groene of soms oranjebruine vlekken. De zwarte dwarslijnen zijn over het algemeen duidelijk zichtbaar, maar kunnen vaag zijn.Gelijkende soortenDe lichte korstmosuil (B. domestica) heeft meestal een iets smallere en spitser toelopende voorvleugel met een meer naar binnen gebogen achterrand; de binnenste dwarslijn loopt door tot aan de binnenrand van de vleugel. Zie ook de donkergroene korstmosuil (C. algae).VoorkomenEen niet zo gewone soort die lokaal voorkomt ten zuiden van de lijn Amsterdam-Zwolle.HabitatVooral stedelijk gebied; ook bosachtige gebieden, struwelen en boomgaarden.WaardplantenKorstmossen op stenen, muren, daken en bomen.Vliegtijd en gedragHalf juni-begin september in één generatie. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen; overdag rusten ze vaak op muren of daken.LevenscyclusRups: september-mei. De soort overwintert als jonge rups tussen korstmossen. De rups foerageert ´s nachts en verbergt zich overdag in een spinsel, waarin ook de verpopping plaatsvindt.Laatste wijziging: 27 oktober 2011 De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere: ![]() N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben. |
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Zoölogisch Museum Amsterdam Foto: Iet Klein Schiphorst-van Empelen Frankrijk - 31 augustus 2010 Foto: Jeroen Voogd |
||


