De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
aardappelstengelboorder  (Hydraecia micacea)

Familie

uilen (NOCTUIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is goed tot redelijk goed te determineren, ook voor een serieuze beginner.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 14-21 mm. Een goed herkenbare soort met een tamelijk hoekige en puntige, meestal rozeachtig bruine voorvleugel met een, vooral bij verse exemplaren, glad en fluweelachtig uiterlijk. Opvallend zijn de twee donkere centrale dwarslijnen; de binnenste is onregelmatig en vertoont bij de voorrand van de vleugel een opvallende knik, de buitenste loopt diagonaal over de vleugel en maakt bij de voorrand een scherpe bocht richting de vleugelwortel. Het middenveld tussen deze dwarslijnen is donkerder dan de rest van de vleugel, vooral het gedeelte langs de buitenste dwarslijn. Het lichtere zoomveld steekt hier duidelijk tegen af. De ringvlek en de niervlek zijn donker omrand. De grondkleur loopt uiteen van licht tot donker roze- of purperachtig bruin of soms dofbruin. De roze tint kan helder zijn, maar ook dof en bij donkere exemplaren soms zeer zwak. Ook de grootte is variabel, met name het vrouwtje kan vrij groot en bovendien extra donker van kleur zijn.

Gelijkende soorten

De groot hoefblad-boorder (H. petasitis) is gemiddeld groter (let echter op de extra grote vrouwtjes van de aardappelstengelboorder). De voorvleugel heeft een iets meer gebogen voorrand, een dofbruine kleur zonder rozeachtige tint en minder opvallende centrale dwarslijnen. Het zoomveld is langs de achterrand donkerder gekleurd en in de golflijn is in het midden een W zichtbaar. Zie ook de hoeklijnuil (Mesogona oxalina).

Voorkomen

Zeer algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: niet bedreigd.

Habitat

Graslanden, moerassen, bosachtige gebieden, struwelen en tuinen.

Waardplanten

Allerlei kruidachtige planten, waaronder zuring, weegbree, akkerandoorn, hop, lamsoor, aardappel en gele lis.

Vliegtijd en gedrag

Begin juli-begin november in één generatie. De vlinders komen zowel op licht als op smeer en bezoeken bloemen.

Levenscyclus

Rups: april-augustus. De rups leeft in de stengel van de waardplant, later ook in de wortels. De verpopping vindt plaats in de grond. De soort overwintert als ei.

Laatste wijziging: 9 maart 2016


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Naturalis Biodiversity Center Leiden
Foto: Huig Bouter
Haastrecht - 30 juni 2009
Foto: Maurice Jansen
 naar fotoalbum »


De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen