De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
geelbruine rietboorder  (Archanara dissoluta)

Familie

uilen (NOCTUIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is moeilijk tot zeer moeilijk te determineren. Let dus altijd goed op de gelijkende soorten. Soms is genitaliën-
onderzoek nodig voor een zekere determinatie.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 12-15 mm. De voorvleugel van deze uil heeft een sterk gebogen voorrand. Bij het mannetje is de vleugel vrij breed met een stompe vleugelpunt, de vleugel van het vrouwtje is iets smaller en heeft een spitsere vleugelpunt. De meeste exemplaren hebben een doffe, soms roodachtig getinte strokleurige voorvleugel die grijs en zwartachtig bestoven is; de voorvleugel van het vrouwtje is vaak iets lichter en gelijkmatiger getekend dan die van het mannetje. Vanuit de vleugelwortel loopt midden over de vleugel een vrij dikke grauwbruine veeg, die bij het mannetje steeds breder wordt en doorloopt tot bij de achterrand (hoewel dit niet altijd even goed zichtbaar is); bij het vrouwtje vervaagt de veeg in het middenveld. Van de lichtgerande niervlek, die zich bij het mannetje in en bij het vrouwtje aan het eind van de donkere veeg bevindt, is in de meeste gevallen alleen de zwartachtige binnenste lob goed zichtbaar. Bij sommige exemplaren, vooral de meer donkere, is de niervlek in z’n geheel zichtbaar. De franjelijn bestaat uit zwarte vlekjes. De achtervleugel is grijs of witachtig grijs. Op de onderzijde van de voor- en achtervleugel is een middenvlek zichtbaar.

Gelijkende soorten

De witkraagrietboorder (A. neurica) heeft een witte kraagrand op de bovenzijde van het borststuk en op de onderzijde van de voor- en de achtervleugel ontbreekt de middenvlek. Deze soort is iets kleiner en de voorrand en de achterrand vormen een rechte hoek met een scherpere vleugelpunt. Bovendien is in de donkere centrale veeg vaak ook een gedeeltelijke ringvlek zichtbaar. De egelskopboorder (Globia sparganii) is groter en lichter van kleur en mist de witachtige omranding van de niervlek. Zie ook de gestippelde rietboorder (Lenisa geminipuncta), de smalvleugelrietboorder (Chilodes maritima) en de stippelrietboorder (Protarchanara brevilinea).

Voorkomen

Vrij zeldzaam. Komt verspreid over het land voor; de meeste waarnemingen komen uit de westelijke helft van het land. RL: bedreigd.

Habitat

Rietlanden en slootkanten.

Waardplanten

Riet.

Vliegtijd en gedrag

Half juni-begin september in één generatie. De vlinders komen op licht en in mindere mate op smeer.

Levenscyclus

Rups: april-juli. De rups leeft in een stengel van de waardplant en wisselt tijdens het groeien diverse malen van plant. De verpopping vindt plaats onder in een stevige stengel van de waardplant met de kop naar beneden. De soort overwintert als ei.

Laatste wijziging: 9 maart 2016


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Naturalis Biodiversity Center Leiden
Foto: Niek Louwers
mannetje
 naar fotoalbum »


De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen