De VlinderstichtingVlindernet
Help de vlinders
Dé informatiesite voor alle in Nederland voorkomende dagvlinders en macronachtvlinders
vorige  |  volgende
grijze stofuil  (Hoplodrina respersa)

Familie

uilen (NOCTUIDAE)
meer informatie over deze familie »


Deze soort is moeilijk tot zeer moeilijk te determineren. Let dus altijd goed op de gelijkende soorten. Soms is genitaliën-
onderzoek nodig voor een zekere determinatie.




Kenmerken

Voorvleugellengte: 14-17 mm. Deze uil heeft brede stompe voorvleugels met een lichte grijsachtige grondkleur en een kenmerkende melkwitte zweem en een donkergrijze bestuiving. Kenmerkend zijn de getande dwarslijnen waarvan vooral de punten van de tanden zichtbaar zijn en zo opvallende enkele of dubbele rijen stippen vormen. Ook de franjelijn bestaat uit stippen. De tekening bevat verder een enigszins donkerder grijze middenschaduw en een lichte, donkergrijs afgezette golflijn. De ring- en niervlek zijn vaak nauwelijks donkerder dan de grondkleur en vallen dan relatief weinig op, de ringvlek mede vanwege het kleine formaat en de niervlek omdat deze grotendeels in de middenschaduw ligt. Ook de lichte omranding is vaag. Soms echter zijn de ringvlek en de niervlek duidelijk donkerder en vallen ze goed op. De kleur van de achtervleugel komt ongeveer overeen met de grondkleur van de voorvleugel, maar kan ook donkerder zijn, en daarbij afsteken tegen de lichtere franje.

Gelijkende soorten

De gewone stofuil (H. octogenaria), de egale stofuil (H. blanda), de twijfelstofuil (H. superstes) en de zuidelijke stofuil (H. ambigua) hebben allen een grotere en duidelijk licht omrande ringvlek en niervlek en zijn overwegend bruin van kleur. De morpheusstofuil (Caradrina morpheus) heeft een grotere niervlek zonder enige lichte omranding en een scherp afgegrensde donkere band aan de binnenzijde van de golflijn; ook bestaan de centrale dwarslijnen niet uit dubbele stippenrijen. Dat laatste geldt ook voor de zandstofuil (C. selini) en de huisuil (C. clavipalpis). De laatste heeft bovendien een met witte stipjes omzoomde niervlek en een donkere vleugelzoom met aan de binnenzijde van de golflijn een bruine afzetting. De bleke stofuil (Athetis gluteosa) heeft een (grotendeels) donker omrande niervlek en een tamelijk recht verlopende golflijn.

Voorkomen

Deze soort is slechts eenmaal waargenomen in Vijlen in 1984.

Habitat

In het buitenland: vooral rots- en steenachtige gebieden met weinig begroeiing.

Waardplanten

In het buitenland: diverse lage planten, waaronder zonneroosje.

Vliegtijd en gedrag

Juni-begin augustus in één generatie. De vlinders komen goed op licht en worden overdag soms rustend op bloemen aangetroffen.

Levenscyclus

Rups: in het buitenland najaar-mei. De soort overwintert als rups.

Laatste wijziging: 16 maart 2016


De kaartjes en diagrammen van de nachtvlinders op Vlindernet zijn gebaseerd op de waarnemingen uit 'Noctua', het gegevensbestand van De Vlinderstichting en de Werkgroep Vlinderfaunistiek, dat is samengesteld uit waarnemingenbestanden van onder andere:

N.B. Het ontbreken van stippen op de kaart betekent niet per se dat de soort op de betreffende locatie niet voorkomt. Het kan ook betekenen dat de soort er wel is waargenomen, maar dat een ingevoerde waarneming nog niet is gevalideerd, of dat we van die plek (nog) geen waarnemingen voor Noctua ontvangen hebben.
Meer over deze soort:
Foto: Han Klein Schiphorst; collectie Naturalis Biodiversity Center Leiden
Foto: Jozef Debets
Slovenië
 naar fotoalbum »


De Vlinderstichting beschermt vlinders en libellenOp Vlindernet vind je alles over vlindersOp Libellennet vind je alles over libellen